Nooit meer alleen
met anderen
Nooit meer alleen
met jou
In koesterende alleenheid
bestaat alleen zijn niet
In omarmende al-eenheid
bestaat al-een-zijn wel …
Nooit meer alleen
met anderen
Nooit meer alleen
met jou
In koesterende alleenheid
bestaat alleen zijn niet
In omarmende al-eenheid
bestaat al-een-zijn wel …
De sneeuwitte kat
komt binnen
met een rat
de kop eraf gekauwd
Stoffer en blik
scheppen de rattenrest
en met een ferme zwaai
landt rat weer op de aarde, buiten
Kat en rat
verenigd in elkaar
zoals niets ooit gescheiden was
waarvan wij dachten dat ’t wel was
totdat we beter wisten …
Vanmorgen wandelde ik op het Mantingerzand. Halverwege deed ik schoenen en sokken uit. Ik wandelde op blote voeten, het zand voelend, vochtig dan weer warm, het gras, prikkende takjes. Het was zo heerlijk.
Kom, ga met me mee: ga mee wandelen op blote voeten en laat moeder aarde je voeten kussen en je voeten moeder aarde kussen. Alles zakt naar de aarde en de aarde komt in jou. Wonderlijk, zo’n Wonderwandeling …
Als er zoiets bestaat als
zinloos geweld
Dan zou er ook zoiets bestaan als
zinvol geweld
Wanneer is geweld zinloos?
Wanneer is geweld zinvol?
Wanneer is iets, wat dan ook, zinloos?
Wanneer is iets, wat dan ook, zinvol?
Zinloos, zinvol,
relatief waar
Niets is absoluut waar;
We kijken naar de zinloze zinvolheid
en de zinvolle zinloosheid
en weten
dat beide
niet bestaan …
Als ik de tempel binnenga
en neerkniel in de stille ruimte
voel ik de adem in mijn hart
en ’t ruisen van de stroom
Verwondering bezoekt me
om wat ik zie en ruik
in zwijgende omarming
zo ijl en toch zo tastbaar
Jij was en bent
gevormd uit het vormloze
en op een dag
valt vorm
weer terug
in
het
vormloze …
Vertrouwen komt op zachte voeten
als fluisterende wind
je oren streelt
Vrede komt met zachte vingers
als parelende regendruppels
je huid bestrooien
En dan
kom JIJ
met bliksemflitsen
als rollende donder
mijn hart verlichten …
Als we de vijand
alle vijanden
in onszelf
gezien hebben
weten we
dat er nooit
een vijand
is geweest …